IMG_5223Ik wandel met Marie, Lennard en Kees (cliënten met een ernstig verstandelijke beperking) de woonwijk uit en zie een omgeploegd weiland waar een man met een metaaldetector in de weer is. Dit ontgaat de cliënten totaal en ik kan ze er ook niet op attenderen, want dit is te ver weg, buiten hun belevingswereld. De molen is voor mij in zicht, de wieken draaien. Een flinke wind steekt op. Ik zie dat een gezicht wordt aangespannen bij een windvlaag, zoals ik dat zelf ook doe.

Het respons in het contact en de signalen zijn zeer minimaal. Toch zijn ze er en doe ik dagelijks mijn best ze te zien en te begrijpen. Het waarnemen door cliënten, richt zich op de zintuigen rondom het lichaam. Ik probeer mijn looptempo af te stemmen. Ook al ben ik de nieuwe onbekende begeleider, ze volgen mij. De activiteit wordt herkend. Zonder ondersteuning van begeleiders zouden zij volledig passief blijven. Zij zullen stagneren in het leven, al bij het opkomen van de zon.

We lopen om de molen heen. Er komt een man met een hond voorbij. Zien ze de hond? Ja, Kees doet een stap opzij. Marie, die bij mij aan de arm loopt, versnelt haar pas en probeert aan mij te trekken. Ik stop het lopen en leg mijn arm bovenop haar en mijn arm. Ik zeg haar dat het oké is. Ze begrijpt mijn boodschap waarschijnlijk niet inhoudelijk, maar wel gevoelsmatig. Ze kalmeert. Daarna lopen we verder.Thuis drinken we chocomelk en sluiten we de avond af. En tegen de tijd dat ik zelf ga slapen, weet ik dat mijn dag goed was, want ik heb hun dag beter gemaakt.

Share This